Brazilië
Dit uitgestrekt land (8.547.400 km2 en 183.987.291 inwoners) is een grote producent van cacao, maar is ook de wieg van de cacaoboom.

Inderdaad, de cacaoboom was aanvankelijk een wilde boom van het Amazonegebied en de indiaanse bevolking gebruikte de pulp van de vrucht om er een zachte en verfrissende drank van te maken, en gebruikte nadien de cacaoboon om er een cacaodrank van te maken.
De cacao van het Criollo type (witte cacaobonen binnenin) is afkomstig van het noordelijk deel van het Amazonegebied en vertrok van daaruit naar Venezuela en Mexico, terwijl de Forastero (purperkleurige cacaoboon binnenin) vertrok van het zuidelijk deel van het Amazonegebied naar het overige deel van Brazilië.
De totale productie van cacaobonen in Brazilië bedroeg in de meest vruchtbare jaren zo’n 300 tot 350.000 ton.
Vandaag schommelt het tonnage rond de 150.000 ton.
De « escoba de bruja » heeft de productie aanzienlijk doen dalen en is in verschillende gebieden van Brazilië een inheemse ziekte geworden.
De landbouwer moet hiermee leven, maar moet deze ziekte goed leren bestrijden, hetgeen nog niet overal het geval is.
Heel wat aanplantingen die we bezocht hebben bestaan uit oude bomen
(50 à 100 jaar oud).
In bepaalde plantages worden deze oude bomen geënt met sterkere klonen van het type Trinitario.
Wij hebben echter moeten vaststellen dat de kennis van de landbouwers eerder zwak is, zowel wat de keuze van de klonen betreft , als de wijze waarop de “escoba de bruja” kan bestreden worden.
In het verleden hebben diegenen die de cacaobonen verwerken te veel belang gehecht aan het gehalte aan cacaoboter van de boon en niet genoeg aan de smaak die de cacaoboon geeft aan het eindproduct : de chocolade.
Zodoende hielden de klonen die werden voorgesteld aan de landbouwers in heel wat gevallen niet genoeg rekening met het aroma- en smaakaspect. Bovendien werden de cacaobonen zelfs niet gefermenteerd.
Forastero werd geleidelijk aan vervangen door Trinitario die een betere chocolade geeft.
Er zijn 3 grote gebieden in Brazilië waar cacao geproduceerd wordt :
- Amazone : 56.000 ton
- Bahia : 70.000 ton
- Espiritu Santu : 10.000 ton
De periode van de grote oogst varieert volgens de gebieden:
Para-Amazonië : van maart tot december
Bahia : van mei tot januari
Linares : van juni tot februari
In bepaalde gebieden treft men ook CUPUACU (theobroma grandiflorum) aan.
De pulp geeft een heerlijke drank of confituur.
De boon is groter en heeft een meer vierkante vorm dan de chocoladeboon.
Men kan er een voortreffelijke melkchocolade van maken.
Het voordeel van de cupuacu is dat hij geen theobromine bevat en men kan er dus een chocolade uit maken voor volgelingen van bepaalde religies die geen stimulerende middelen toelaten (cf. de Mormonen bv).
In Linares hebben we ook een cacaosoort ontdekt waarvan de bonen wit zijn « catongo » genaamd.
Merkwaardig is dat men deze terugvindt in het zuidelijk deel van Brazilië. Normaal gezien gaat het hier over een aanbreng van een plant uit het noordelijk deel van het Amazonegebied (Criollo).
Maar indien hij toch inheems zou zijn dan betekent dit een grote ontdekking, daar Criollo nog steeds beschouwd wordt als zijnde afkomstig uit het noordelijk deel van het Amazonegebied.

De eerste cupuacus van de reis
De bonen zijn wit van binnen

Des fèves de cupuacu séchées

Cupuacu drank van de pulp

Aankoop van oude werktuigen
Lokale viagra
Cacao in Amazonië
Aankoop van oude werktuigen

Hier een vijzel

En hier machetes
Blad van de catongo een soort criollo
De bonen zijn wit

Links een trinitario, rechts catongo

De catongo bloem
Theobroma grandiflorum,
familie van de Sterculiaceae.
Benamingen :
- in het Engels : cupuassu
- in het Spaans : cupuasú, copoasú, blanco de cacao
- in het Portugees : cupuaçu, pupu, pupuaçu
Oorsprong en geografische spreiding
De cupuaçu is afkomstig van de zuidelijke en
zuidoostelijke gebieden van het Braziliaanse
Amazonegebied, van de Staten Para en Maranhao. Heden ten
dage treft men deze boom ook aan nabij de rivieren
Tapajos, Xingu en Guama.
De boom
De cupuaçu behoort tot de familie van de cacaoboom (Theobroma
cacao) en leunt hier dichtbij aan.

Een volwassen cupuaçu boom kan een hoogte van 20 m
bereiken, maar hij wordt tot op een hoogte van 6 à 8 m
gehouden voor de fruitteelt. De kruin kan een diameter
van 7 m bereiken. De langwerpige bladeren kunnen een
grootte hebben van 25 à 35 cm. De bloemtakken bevatten 3
à 5 bloemen met purperen bloemkroonbladen
Klimaat
De cupuaçu wordt in vochtige tropische gebieden geteeld
(jaarlijkse neerslag van 1800 mm, gemiddelde temperatuur
van 23°C). Hij vereist een diepe vruchtbare bodem
Seizoen
De bloemen ontwikkelen zich in 15 dagen tijd en de
rijping van de vrucht duurt 4 maand na de bevruchting.
Een boom van 5 jaar produceert 20 à 30 vruchten per
jaar, een volwassen boom produceert er 60 à 70.
De vrucht
De vrucht kan zeer aromatisch zijn.
De vruchten zijn langwerpig en zijn 12 à 25 cm lang,
hebben een diameter van 10 à 12 cm en wegen 1 à 2 kg.
Elke vrucht bevat ongeveer 50 zaden die omgeven zijn met
een slijmachtige pulp.

De vrucht van de cupuaçu is samengesteld uit pulp (46
%), schors (38%) en zaden (16 %). De cupuaçu variëteit
zonder zaden, met een lagere productiviteit, bevat 67%
pulp en is minder aromatisch.
Voedingssamenstelling
Door zijn hoog gehalte aan linolzuur, zou de boter van
de cupuaçu zaden een lager smeltpunt moeten hebben dan
dat van cacaoboter.
Organische eigenschappen
De pulp van de vrucht heeft een zeer rijk aroma. Hij
heeft een zure smaak met een cacao nasmaak en een
chemische smaak die doet denken aan deze van
geneesmiddelen.
Gebruiksdoeleinden
De pulp wordt gebruikt voor de productie van sappen,
ijs, likeur, wijnen, confituren. De pulp wordt eveneens
diepgevroren verkocht. De extractie gebeurt manueel of
mechanisch, nadien homogeen gemaakt en gepasteuriseerd.
Deze machines kunnen 2500 kg fruit per uur verwerken. De
zaden van de cupuaçu worden gebruikt voor het
vervaardigen van chocolade. Zelfs wanneer de vruchten
nog steeds geteeld worden op wilde boomsoorten, stijgt
de productie van chocolade bij de producenten in Para
(Brazilië).
Het gebruik van de zaden van de cupuaçu voor de
productie van chocolade beperkt zich tot de valleien van
Solimoes, Madeira en Tocantins in het Amazonegebied.